De bloesem van de boompjes in de straat is zo mooi, maar het stemt me ook weemoedig. Ieder jaar rond deze tijd is er wel iemand die erover schrijft, zittend aan een van de blanke houten tafels bij het raam in de Harttaal ruimte.

Grappig dat het schrijven over de lichte roze bloemetjes me nu zo raakt, terwijl het daar juist niet over gaat bij Harttaal. Het kijken naar die bloesem is een afleidingsmanoeuvre. We haken zo snel in op een impuls van buitenaf. Ik pak mijn telefoon, zie een rood bolletje en voordat ik het weet, ben ik verdiept in iemand anders en kwijt waar ik mee bezig was.

Het gaat nu veel over naar binnen keren, stil zijn, bezinning. Nadenken over wat ons overkomt. Je afvragen waar je staat in deze nieuwe werkelijkheid.

Naar binnen keren is wat ik gewend ben te doen als ik met Harttaal schrijf. Het is de beste manier om werkelijk te horen wat ik denk en voel. Ik heb het nodig om alleen te zijn en niet te worden afgeleid door appjes of sociale media.

En dan nog is dat naar binnen keren geen gegeven. Het is geen plek waarvan je kunt zeggen, hè hè, ik ben er. Ik zit hier goed. Nee, iedere keer als ik ga schrijven moet ik het gebaar opnieuw maken.  “Inward is a gesture not a place”, schrijft Linda Trichter Metcalf in Writing the Mind Alive. We schieten erin en eruit.

Ik kan de ene keer veel langer achterelkaar naar mezelf luisteren, veel geconcentreerder bezig zijn dan de andere keer. Soms heb ik het nodig om tijdens het schrijven een paar keer opnieuw mijn ogen dicht te doen. Wat is er nou werkelijk aan de hand? Ben ik boos of voelt het als woede, maar is het iets anders?

Er is meer stilte om ons heen dan anders. Dat is waar. Maar ik heb ook zoveel vragen en ik merk hoe heftig bepaalde beelden in het nieuws zijn. Mijn emoties wisselen elkaar in hoog tempo af. Het is een menselijke reactie om die dan maar even naar te achtergrond te drukken. Soms kan het ook niet anders.

Toch is het belangrijk om te weten dat  ik me niet veiliger ga voelen door ze er niet te laten zijn. Het tegendeel is waar. Zodra ik schrijf over mijn verdriet en het verbind aan een bepaalde gebeurtenis, verdwijnt het niet meteen, maar krijgt het wel minder vat op me.